Ministerie en DNB willen fonds depositogarantiestelsel


Het ministerie van Financiën en De Nederlandsche Bank (DNB) hebben plannen om een fonds op te richten om zo de kosten van het depositogarantiestelsel op te kunnen vangen. Spaarbanken die de meeste risico’s nemen, moeten het meeste bijdragen aan het nog in te stellen depositogarantiestelselfonds.  Dankzij het huidige depositogarantiestelsel hebben spaarders met een spaarrekening tot 100.000 euro garantie.

Depositogarantiestelsel
Het ministerie en DNB vinden een dergelijk stelsel belangrijk, omdat het spaarders met een spaarrekening tot 100.000 euro veiligstelt. Als een bank omvalt, voorkomt dat een run op dank, zo stelt DNB.

Alle banken in Nederland die een Nederlandse bankvergunning hebben, nemen deel aan het spaardepositogarantiestelsel. Zij draaien gezamenlijk op voor de kosten als één bank failliet gaat. Dat gebeurde bij het omvallen van Icesave in 2008 en het omvallen van DSB in 2009.

Vooraf betalen
Het ministerie en de DNB willen dat veranderen. Er moet een fonds komen waarbij spaarbanken vooraf geld storten in een fonds. Zo hoeven spaarbanken niet geconfronteerd worden met flinke kosten en hoeven zij niet mee te betalen bij hun eigen failliet gaan.

De komende 15 jaar moet er dan 1 procent van het spaardepositogarantiestelsel in het fonds gestort worden. Dat houdt zo’n 4 miljard euro in.

Risico’s
De banken die de meeste risico’s nemen met het spaargeld van hun klanten, moeten dan het meeste geld in het fonds storten. Banken die regelmatig risico’s nemen, moeten tweemaal zoveel storten dan een bank die weinig risico’s neemt.

Dat is geheel volgens het principe ‘De vervuiler betaalt’.

Een wetsvoorstel voor het fonds is inmiddels aangeboden aan de Tweede Kamer. Wordt de wet aangenomen, dan gaat deze in per 1 juli 2013.

Vergelijken
Hoe tevreden spaarders zijn over hun spaarbank, is af te lezen aan het prijs/kwaliteitscijfer. Door spaarrente vergelijken kan er inzicht geboden worden in de beste spaarbanken van Nederland.

Door: Dennis de Wit