Geen verschillen in spaargedrag Europese huishoudens


Spaarders in Nederland wijken in het spaargedrag niet af van het spaargedrag van spaarders in de rest van Europa. Huishoudens in zeventien eurolanden hebben in het derde kwartaal van 2012 evenveel gespaard als hun mede-Europeanen. Zij spaarden bovendien evenveel als in het tweede kwartaal van 2012. Dat blijkt uit cijfers van het Europees bureau voor de statistiek, Eurostat.

Aandeel gespaard inkomen
Het aandeel gespaard inkomen bedroeg op het totale inkomen van Europeanen zo’n 13 procent. Er is in één periode licht meer gespaard; het kwartaal ervoor bedroeg het aandeel gespaard inkomen nog 12,9 procent.

Dat percentage is nog steeds erg laag. Voordat de kredietcrisis in 2008 om zich heen sloeg, bedroeg het aandeel gespaard inkomen nog rond de zestien procent van het totaal inkomen van Europeanen.

Minder gespaard
Sinds dat de kredietcrisis in 2008 om zich heen sloeg binnen Europa, zijn Europeanen wel minder gaan sparen. In de hele Europese Unie is te zien dat spaarders fors minder spaargeld op hun bankrekening staan hebben dan vier jaar geleden.

Over de 27 staten binnen de Europese Unie komt het percentage gespaard inkomen uit op een gemiddelde van 11 ,2 procent van het totale inkomen.

Sparen minder aantrekkelijk
Dat spaarders minder spaargeld op hun spaarrekening staan hebben dan vier jaar geleden, komt onder meer door de kredietcrisis. Ook de steeds verder oplopende inflatie bemoeilijkt het sparen. Gemiddeld moeten spaarders een spaarrente van vier procent bereiken om tegen de inflatie op te kunnen. Een dergelijke spaarrente behalen is alleen mogelijk bij spaardeposito’s met een vaste looptijd van vijf jaar of hoger.

Door: Dennis de Wit