Belastingdienst voor rechter voor te hoog tarief spaargeld


De Belastingdienst wordt voor de rechter gedaagd door twee groepen vanwege het hoge belastingtarief dat de Belastingdienst voor spaargeld gebruikt. Op die manier hopen de Bond voor Belastingbetalers en het adviesbureau Grand Thornton de vermogensbelasting omlaag te krijgen. Nu zouden Nederlanders nog te veel inleveren op hun spaartegoeden door deze vermogensbelasting.

Dat blijkt uit een persbericht van de tweede partijen. Het adviesbureau begint een proefproces met een belastingbetaler. Met die rechtszaak moet de dienst gedwongen worden het tarief omlaag te brengen.

Te hoge rente
De Belastingdienst gaat er bij de aangifte vanuit dat een spaarder jaarlijks ongeveer vier procent rente ontvangt op zijn spaargeld. Iedereen die meer dan 21.000 euro aan spaargeld heeft, moe daarover 30 procent belasting betalen.

Volgens de Bond voor Belastingdiensten en Grand Thornton is het tarief dat de Belastingdienst gebruikt achterhaald. Niemand kan meer vier procent spaarrente krijgen, zo schrijven de groepen.

De spaarrente zou bij de grote banken zelfs regelmatig onder de 1 procent zakken, terwijl daar 1,2 procent belasting over betaald moet worden. De twee groepen zijn dan ook van mening dat sparen op deze manier niet aantrekkelijk is, omdat de spaarder zelfs meer moet inleveren dan dat hij ontvangt.

Ontsparen
Dankzij het hoge tarief dat de Belastingdienst hanteert, ontsparen meer Nederlanders, zo beweren de groepen in hun persbericht. Steeds meer Nederlanders halen hun geld van hun spaarrekening. Volgens de groepen is er zelfs sprake van onteigening, omdat de belasting op het rendement op meer dan 100 procent uit zou komen. Dit houdt in dat de spaarder uiteindelijk meer aan de Belastingdienst inlevert dan dat hij zelf verdient dankzij de spaarrente.

De groepen willen via de rechter afdwingen dat de Belastingdienst voortaan met een fictief rendement gaat werken. Dit bedrag moet meewegen met de ontwikkelingen van de rente in Nederland. Daarbij kan de dienst uitgaan van een rentetarief van een aantal banken, gezien over vijf jaar, en daarover een gemiddelde berekenen.

Daarmee moeten weer meer Nederlanders hun geld op een spaarrekening zetten. Op dit moment bedraagt de hoogste spaarrente met een vrij opneembare spaarrekening twee procent. Wanneer de Belastingdienst voor de rechter moet verschijnen, is nog niet bekend.Belastingdienst voor rechter voor te hoog tarief spaargeld

De Belastingdienst wordt voor de rechter gedaagd door twee groepen vanwege het hoge belastingtarief dat de Belastingdienst voor spaargeld gebruikt. Op die manier hopen de Bond voor Belastingbetalers en het adviesbureau Grand Thornton de vermogensbelasting omlaag te krijgen. Nu zouden Nederlanders nog te veel inleveren op hun spaartegoeden door deze vermogensbelasting.

Dat blijkt uit een persbericht van de tweede partijen. Het adviesbureau begint een proefproces met een belastingbetaler. Met die rechtszaak moet de dienst gedwongen worden het tarief omlaag te brengen.

Te hoge rente
De Belastingdienst gaat er bij de aangifte vanuit dat een spaarder jaarlijks ongeveer vier procent rente ontvangt op zijn spaargeld. Iedereen die meer dan 21.000 euro aan spaargeld heeft, moe daarover 30 procent belasting betalen.

Volgens de Bond voor Belastingdiensten en Grand Thornton is het tarief dat de Belastingdienst gebruikt achterhaald. Niemand kan meer vier procent spaarrente krijgen, zo schrijven de groepen.

De spaarrente zou bij de grote banken zelfs regelmatig onder de 1 procent zakken, terwijl daar 1,2 procent belasting over betaald moet worden. De twee groepen zijn dan ook van mening dat sparen op deze manier niet aantrekkelijk is, omdat de spaarder zelfs meer moet inleveren dan dat hij ontvangt.

Ontsparen
Dankzij het hoge tarief dat de Belastingdienst hanteert, ontsparen meer Nederlanders, zo beweren de groepen in hun persbericht. Steeds meer Nederlanders halen hun geld van hun spaarrekening. Volgens de groepen is er zelfs sprake van onteigening, omdat de belasting op het rendement op meer dan 100 procent uit zou komen. Dit houdt in dat de spaarder uiteindelijk meer aan de Belastingdienst inlevert dan dat hij zelf verdient dankzij de spaarrente.

De groepen willen via de rechter afdwingen dat de Belastingdienst voortaan met een fictief rendement gaat werken. Dit bedrag moet meewegen met de ontwikkelingen van de rente in Nederland. Daarbij kan de dienst uitgaan van een rentetarief van een aantal banken, gezien over vijf jaar, en daarover een gemiddelde berekenen.

Daarmee moeten weer meer Nederlanders hun geld op een spaarrekening zetten. Op dit moment bedraagt de hoogste spaarrente met een vrij opneembare spaarrekening twee procent. Wanneer de Belastingdienst voor de rechter moet verschijnen, is nog niet bekend.

Door: Dennis de Wit